Inleiding

Waarom Engeland? - Waarom wandelen? - Waarom deze gids?

 

 

 

Waarom Engeland?

 

Engeland blijft voor mij een verbazingwekkend land. Wanneer je te voet door het veel geroemde Britse landschap trekt, kun je je niet voorstellen dat in datzelfde land de meest smerige steden liggen, waar de luchtvervuiling enorm is en de sociale verschillen gigantisch zijn.

Want buiten de stedelijke gebieden is Groot-Brittannië een schitterend land. Hoewel er mensen zijn die zelfs de oude industriegebieden, de bakermat van de industriële revolutie, een zekere schoonheid toekennen. Toegegeven, de grauwe mistroostige arbeiderswijken stralen een zeer aparte sfeer uit. Ook al is dat dan een sfeer van armoede, eeuwenlang ploeteren om te overleven, strijd tegen de heersende klasse.

Maar hoe vreselijk de historische gebeurtenissen ook waren, de overblijfselen blijven in Engeland bewaard. Misschien is dit wel het meest kenmerkende van het land. Terwijl in veel andere Europese landen de vernieuwingsdrang er toe leidt dat de historie tegen de grond gaat, koestert de Engelsman zijn oude troep. Zelfs de arbeidersklasse is wat dat betreft ook vreselijk behoudend.

Als wandelaar stuit je daar steeds weer op. Engelse vrienden van mij gaan gerust met een dertig jaar oude stafkaart op stap; in het landschap is toch nagenoeg niets veranderd. En als er tussentijds een snelweg is aangelegd dan is er vast wel een voetbruggetje gebouwd om over te kunnen steken. Het voetpad is immers een 'right of way'.

Midden in een verlaten dal kom je de resten tegen van wat eens de smelterijen waren van de plaatselijke loodmijnen. Ze worden gerestaureerd. Een oud spoorwegstation doet nu dienst als 'outdoor education centre'. En in Sedbergh wordt het asfalt in de hoofdstraat vervangen door de ouderwetse bestrating met kasseien.

 

Wat de meeste mensen weerhoudt om naar de Britse eilanden te gaan, is het veelbesproken Engelse weer. 'Het regent er altijd'. Nou zal ik dat niet gelijk tegenspreken, want het is niet voor niets dat het Engelse land zo groen ziet. De eerste ruimtevaarders was dat ook al opgevallen.

Maar toch moet gezegd worden dat het beruchte natte klimaat vaak overdreven wordt. Het maakt nogal uit waar in Engeland je je bevindt. Buiten de hogere gebieden aan de westkant regent het gemiddeld niet meer dan in ons eigen land. Daarnaast heeft je eigen opstelling nogal invloed op hoe je het weer ervaart. Wanneer je weggaat met het idee een week zonnig weer te hebben, kun je beter niet weggaan. Iemand die echter rekent op twee regenbuien per dag, zal hoogstwaarschijnlijk best te spreken zijn over het weer. Van alle jaren dat ik op wandelvakantie was aan de overzijde van het Kanaal, kan ik me maar een echt natte tocht herinneren. Dat was in Noord-Wales.

 

 

Waarom wandelen?

 

Voor iemand die regelmatig een tocht in z'n eentje maakt, is het leuk om je gedachten te laten gaan over de leuke kanten van het reizen te voet. Je kunt er allerlei fantastische theorieën over verzinnen. Dit lijkt me niet de goede plaats om daarover uit te weiden. Maar voor iemand die naar Engeland wil gaan, is het wel interessant om te weten waarom juist in Engeland het wandelen zo leuk is.

 

Zoals de Nederlanders uitblinken in het in stand houden van een unieke infra-struktuur voor fietsers, compleet met vrijliggende en toeristische fietspaden, zo bezitten de Engelsen een prachtig netwerk van voetpaden. Ze staan er ook om bekend. Niet voor niets bedacht het Nederlands Bureau voor Toerisme een aantal jaren geleden een tv-spotje waarin een Engelse dame bij het zien van al die mooie fietspaden uitriep dat ze het wandelen wel kon opgeven: "I think I'll give up walking!".

Ik kan het haar niet aanraden. In ieder geval niet in Engeland. Het land heeft een dermate goede wandel-infrastruktuur dat het voor een buitenlander een genot is daarvan gebruik te maken. Iedereen die in eigen land zich bij een wandeling stoort aan de hoeveelheid bordjes 'Verboden Toegang', 'Privaat' en bijbehorende prikkeldraadversperringen, kan in Groot Brittannië zijn hart ophalen. Met klaphekjes en overstapjes ('stiles') kun je elke omheining nemen en bordjes 'public footpath' wijzen de weg.

Ze maken het mogelijk om het Engelse land te voet te doorkruisen zonder noemenswaardige hinder van het overige verkeer. Maar wat nog veel leuker is, op deze manier ervaar je het landschap van heel dichtbij. Je loopt dwars door de velden, tussen de koeien en schapen, over het erf van boeren, over een kerkhof of een groot landgoed van een Brits landhuis. Welk land in Europa heeft een openbaar voetpad door de achtertuin van het buitenverblijf van de minister-president?

En met de paden ga je terug in de tijd. De meeste paden zijn vaak eeuwenoud. Zoals de boeren vroeger de kortste weg door de weilanden namen naar de kerk of de pub, zo loop je nog steeds. En hoewel de voetpaden nu voor het grootste deel door vrijetijds-wandelaars gebruikt worden, zul je nog steeds plaatsen tegenkomen waar de paden nog dagelijks gebruikt worden door de lokale bevolking.

In de lage landen, waar rondom de toegankelijkheid van onverharde wegen en paden een waas van onduidelijkheid bestaat, is dit een ongekende situatie. Alleen in het geliefde wandelgebied van Zuid-Limburg, de Voerstreek en het Land van Herve, tref je een wandelpadennet aan dat vergelijkbaar is met de Engelse voetpaden.

 

Net als bij ons is het rekreatieve wandelen in Engeland enorm in opkomst. Met de toename van de vrije tijd gaan steeds meer mensen als ontspanning een wandeltocht maken. Met nam de bekende officiële lange-afstands-paden, de 'National Trails', zijn enorm populair. Maar in elke regio bestaat wel een of andere route, meestal beschreven in een gidsje. De hoeveelheid geschreven wandelliteratuur in Engeland begint dan ook gigantische vormen aan te nemen.

Die toename van het wandelen verloopt niet zonder problemen. In bepaalde populaire wandelgebieden zoals bijvoorbeeld de Three Peaks in de Yorkshire Dales kampt men met het grote probleem van voetpad-erosie. Sommige paden worden zo veel belopen dat over een brede strook de begroeiing volledig verdwenen is, waardoor bij veel neerslag de grond weg spoelt. Plaatselijke beheersinstanties trachten dit op alle mogelijke manieren tegen te gaan.

Boeren in zulke gebieden zijn ook niet erg gelukkig met de stroom wandelaars, die bijdragen aan vervuiling en die het voeren van een agrarisch bedrijf ernstig bemoeilijken. Een boer die elke week een dag moet besteden aan het ophalen van verloren schapen doordat wandelaars het hek open hebben laten staan, staat niet zo erg positief tegen de opmars van het wandeltoerisme.

En de wandelaars lopen soms ook elkaar voor de voeten. In het hoogseizoen zijn bepaalde gebieden bijna overbevolkt met wandelaars. Een paar jaar geleden was het al heel gewoon dat je op een fraai weekend in mei bovenop de top van Sca Fell in het Lake District zo'n veertig medewandelaars aantrof. Mensen die de rust opzoeken moeten hier echt rekening mee houden.

 

Waarom deze gids?

 

Een van de moeilijkheden van het plannen van een wandelvakantie is dat je je moet beperken. Wanneer je geen drie maanden vrij kunt nemen, zul je in een wandelvakantie maar een relatief klein gebied kunnen bestrijken. Een oplossing kan dan zijn om met de auto op stap te gaan en in verschillende gebieden een aantal dagtochten te maken, maar dan nog zul je moeten kiezen voor een of meer gebieden. Mijn ervaring is dat het vaak leuker is om je te beperken tot betrekkelijk kleine gebieden. Alleen Amerikanen menen Europa in tien dagen te kunnen 'doen'. Eén van mijn mooiste vakanties in Groot-Brittannië bestond uit vier wandeltochten van een week door twee gebieden in Schotland, de Pennines en de kalkheuvels in zuidoost-Engeland.

Je ontkomt er dus niet aan om keuzes te maken tussen landstreken of wandelroutes. De vraag is alleen op grond waarvan je die keuze maakt. Daarbij spelen een rol: soort en type landschap, moeilijkheidsgraad van het wandelen in een gebied, klimaat, seizoen, drukte, aanwezigheid van geschikte akkomodatie en nog veel meer. Met dit boek hoop ik genoeg informatie aan te reiken opdat je die keuze gemakkelijker kunt maken.

 

Eenmaal een keuze gemaakt, kun je op pad gaan. Een routegidsje of een gedetailleerde kaart zijn dan voldoende om een tocht te kunnen maken. Bij het schrijven van dit boek was dat ook steeds mijn uitgangspunt: de lezer(es) hoeft alleen nog maar een 1:50.000 kaart van het uitgekozen gebied te kopen en de wandelschoenen aan te trekken. Zonder dat alles is voorgekookt, met ruimte voor eigen initiatief; maar ook zonder het gevoel te hebben in het diepe te zijn gegooid en niet te weten wat je te wachten staat. Om die reden doe ik wel suggesties voor dagtochten, en maak melding van aantrekkelijke punten waarlangs je een tocht kunt uitzetten, maar laat concrete routebeschrijvingen achterwege. Niet alleen zijn routebeschrijvingen in Groot Brittannië al ruimschoots voorhanden, maar de ervaring leert dat beschrijvingen van een route ook zeer snel verouderd raken. Om die reden ben ik een groot voorstander van het principe: 'zoek je eigen weg met behulp van een kaart'. Behalve dat een goed kaartlezer(es) niet zo snel verdwaalt, geeft het volgen van een zelfbedachte route naar mijn overtuiging veel meer voldoening.

(Mensen die een hekel hebben aan kaartlezen, kunnen zich nu troosten met de wetenschap dat het in Engeland stikt van de wandelgidsjes.)

 

Ik hoop dat velen de lol zullen beleven, die mij ook nog steeds elk jaar beweegt naar de Britse eilanden te trekken voor een wandelvakantie. En uiteraard was dit enthousiasme ook de drijvende kracht achter het schrijven van dit boek. Ik hoop dat ik er wat van heb kunnen overdragen.

 

 

(Met dank aan al mijn vrienden die niet kwaad werden in de tijd dat ik het schrijven van het boek belangrijker vond dan zij.)

 

Utrecht, juni 1989

Bart Horeman