"Dus je bent piloot?", vroeg ik de Amerikaan.
"Ja,
ik vloog altijd F-16", zegt ie.
Ik keek verschrikt rond in de
hamburgertent, maar herstelde me snel. Als je in het Pentagon een
hamburger gaat eten, is het niet vreemd dat je daar een F-16-piloot
tegen het lijf loopt. De man zat ongegeneerd een vette lap vlees naar
binnen te werken.
"Maar wat doe je dan hier in Washington?",
begon ik.
"Ik volg een trauma-verwerkings-programma",
zuchtte hij.
Ik zweeg.
Plots begon hij heftig te praten.
"Herinner je die bommen
op het televisiestation in Belgrado? Dat was ik."
Ik keek hem
ongelovig aan.
"Een voltreffer, een succes. Maar een maand
later ontmoette ik op een feestje een journalist, die wist dat ik in
Joegoslavië bommenwerper was geweest. Hij vermoedde dat ik die
bommen gegooid had. Hoe, dat weet ik niet, maar de journalist wist
mijn adres te achterhalen en begon me te bestoken met foto's van dat
bombardement. Dat was nog maar het begin.
Later kwam er een
eindeloze reeks van brieven van nabestaanden van de mensen die bij
dat bombardement op het tv-station gedood waren. Brieven, foto's,
video's, de hele mikmak."
"Maar ik snap het niet",
zei ik, "je kon die post toch gewoon weggooien en de militaire
inlichtingendienst achter die journalist aansturen?"
Hij keek
me triest aan.
"Nee", zei ie, "dat kon ik niet."
"Ik
was van het begin af aan geraakt door dat materiaal. Ik kon het niet
wegleggen. Ik bleef maar kijken naar die foto's; ik heb sommige
video's wel dertig keer gedraaid. Het waren burgers, weet je. Geen
militairen. Ik heb gewoon een civiel doel gebombardeerd en een stel
burgers gedood. Dat is een oorlogsmisdaad."
"Hoe weet je
dat zo zeker?", vroeg ik.
"Die journalist schreef het
me. Hij is een Duitser, weet je. Zijn vader is bij de
Neurenberg-processen veroordeeld. Ik had daar nog nooit van gehoord.
Veroordeeld wegens oorlogsmisdaden. Die man dacht dat hij zijn plicht
deed, maar hij werd toch veroordeeld."
Ik wist niets te zeggen. Ik had wel van de Neurenberg-processen
gehoord. Maar desondanks heb ik mijn eigen plicht gedaan en zonder
enig protest mijn belastingbijdrage aan de NAVO-oorlog tegen
Joegoslavië betaald. Ik nam me voor daarover bij thuiskomst een
protestbrief te schrijven.
Tenslotte vroeg ik hem: "Vind je
niet dat alle Amerikaanse belastingbetalers medeplichtig zijn aan
jouw oorlogsmisdaad?"
"Ja natuurlijk", zei hij,
"maar daarmee wordt mijn schuld niet minder."
(Béha 5 in Nieuwskrant 16 – augustus 2000)
HOME
- Béha
Béha1
- Béha2
- Béha3
- Béha4
- Béha5
- Béha6
- Béha7
- Béha8
- Béha9
- Béha10
- Béha11
- Béha12
- Béha13